Print

Eikenprocessierupsen

Processierupsen vormen tijdens de warme maanden in het jaar een ware plaag. Ze vreten de eikenbomen kaal en zorgen voor jeukhinder bij de omwonenden en voorbijgangers.

Hoe herken je een eikenprocessierups?

Eikenprocessierupsen trekken ’in processie‘ naar de bladeren van de boom. Het zijn vooral eikenbomen (inlandse, maar soms ook Amerikaanse) die hun voorkeur genieten. Rond half mei, krijgen de rupsen hun microscopisch kleine brandharen die zorgen voor de nodige jeukproblemen. Vanaf juli groeien de rupsen uit tot onopvallende grijze nachtvlinders. 
 

Welke problemen veroorzaken de rupsen?

Wie in aanraking komt met de brandharen krijgt de nodige huiduitslag die gepaard gaat met hevige jeuk. Deze klachten verdwijnen meestal zonder behandeling binnen de twee weken. Bij hevige irritatie kan een anti-jeukmiddel eventueel verlichting geven. Gezondheidseffecten ter hoogte van de ogen of de bovenste luchtwegen zijn eerder zeldzaam. Bij ernstige gezondheidsklachten neem je best contact op met de huisarts. 

Meer informatie over de gezondheidseffecten van de eikenprocessierups vind je op www.eikenprocessierups.be.
 

Wat doen bij overlast?

Indien de haard dicht bij de woning is en dus hinder kan veroorzaken, kun je best een aannemer contacteren die de rupsen zal bestrijden. We raden niemand aan zelf de rupsen te verdelgen, zeker wanneer je geen ervaring hebt in die bestrijding. Je dient zelf een aannemer aan te stellen voor de verwijdering. 
 

Wat mag je vooral niet doen?

  • de rupsen en nesten aanraken
  • gebruik maken van insecticiden. Deze middelen kunnen schadelijk zijn voor de mens en het milieu en hebben geen effect op de irriterende haren.
  • de rupsen wegspuiten met bijvoorbeeld een hogedrukreiniger. De haren van de rupsen kunnen dan immers via de lucht verspreid geraken. 
     

Een haard van processierupsen melden

  • Gemeentewegen: Ontdek je een haard van processierupsen op de openbare weg, geef dit dan zeker door aan de gemeentelijke technische dienst via het meldingsformulier. Je kunt tijdens de openingsuren ook bellen naar 03 340 00 20 of een e-mail sturen naar technische.dienst@rijkevorsel.be. Belangrijk is dat je de exacte locatie doorgeeft en niet enkel maar een straatnaam (zie update onder). De medewerkers bekijken dan of het aangewezen is om een gespecialiseerde aannemer naar deze locatie te sturen.
  • Gewestwegen: Ook voor meldingen in de omgeving van gewestwegen, kan contact opgenomen worden met de gemeentelijke technische dienst via het meldingsformulier. Zij zullen deze meldingen doorsturen naar het Agentschap voor Wegen en Verkeer (AWV), bevoegd voor de gewestwegen.
  • Privé-domein: Voor haarden op privé-domein dien je zelf een aannemer aan te stellen (zie  'Wat doen bij overlast?').  Een uitzondering kan gemaakt worden voor bomen die zich aan de andere kant van de baangracht bevinden en een risico vormen voor de weggebruikers.
Update 27 mei 2020

Intussen werden er al enkele nesten van processierupsen gemeld. Als je een melding hiervan wenst te doen, raden we je aan om dit via het meldingsformulier van de website te doen. Het is wel belangrijk dat je de juiste locatie doorgeeft en niet enkel maar een straatnaam. Zo geef je best ofwel één of meerdere huisnummers, het nummer van een verlichtingspaal of een ander herkenbaar punt door, zodat wij zelf niet moeten zoeken om welke bomen het precies gaat. Alvast dank voor jullie medewerking.

 

Aanpak gemeente voor 2020

De vorige jaren werd de gemeente geteisterd door een steeds toenemend aantal nesten processierupsen. In 2019 was het zelfs zo erg dat we er niet in slaagden om in alle bomen op openbaar domein die werden aangetast, de nodige bestrijdingen uit te voeren, zelfs niet met de hulp van de brandweer en de civiele bescherming. Het ging in totaal immers om meer dan duizend bomen.

Dit jaar zal de gemeente naast een curatieve bestrijding, dit wil zeggen het effectief wegbranden of wegzuigen van de nesten, eerst een preventieve behandeling laten uitvoeren. Dit wil zeggen dat in de loop van de maand mei de bomen besproeid worden met een biologisch product. Dit zou in het beste geval een effectiviteit van 80 % hebben, zodat we dit jaar hopelijk maar een vijfde van de curatieve  bestrijdingen moeten uitvoeren.
 

Wat in de toekomst?

De provincie Antwerpen is bezig met een aantal proefprojecten. Het doel hiervan is niet zozeer de processierups uit te roeien, maar de plaagdruk binnen de perken te houden. Niet bestrijden is immers de meest ecologische oplossing.

Er wordt nu volop getest met alternatieve bestrijdingen, zoals:

  • het inzetten op de groei van de mezenpopulatie, omdat zij een natuurlijke vijand zijn van de processierups.
  • aangepast bermbeheer. Er wordt nagegaan in welke bermen andere natuurlijke vijanden zoals sluipwespen en sluipvliegen het best gedijen.
  • het uitzetten van de grote poppenrover. Deze leefde vroeger in onze contreien, maar in een pilootproject wordt deze nu terug ingevoerd.

Deze maatregelen zouden, in tegenstelling tot de huidige preventieve en curatieve bestrijding, dan ook een meer structurele oplossing kunnen bieden en zijn ook minder schadelijk voor de biodiversiteit.

 

Meer info